De Boermarke: een eeuwenoud instituut in een moderne rol

“Wij zijn de olie in de maatschappij”

Waar in veel dorpen steeds meer sociale voorzieningen verdwijnen en het steeds stiller wordt op straat, is dat in het Drentse Gees wel anders. Het dorp is springlevend en bruist van de activiteit! Jong en oud, oorspronkelijke bewoners en nieuwkomers weten elkaar hier feilloos te vinden en ontplooien steeds weer nieuwe activiteiten met en voor elkaar. Een onmisbare schakel hierbij is de eeuwenoude Boermarke. Ooit opgericht voor en door landbouwers, is ze nu de kartrekker van een vitale plattelandsgemeenschap.

De Boermarke van Gees was oorspronkelijk een collectief van boeren, opgericht om gezamenlijk het beheer en gebruik van een aantal gemeenschappelijke gronden te reguleren. Die taak vervult ze nog steeds, al zijn er niet veel gemeenschappelijke gronden meer over. De functie van de Boermarke is tegenwoordig vooral die van verbinder. Diepgeworteld in de gemeenschap vormt de Boermarke van Gees de oren en ogen van het dorp en haar inwoners. Nog altijd is de Boermarke hét aanspreekpunt voor overheid en instanties. En, niet onbelangrijk, zonder de financiële steun van de Boermarke zouden veel evenementen en projecten in en om het dorp, van de landbouwtentoonstelling tot het onderhoud van het naburige zwembad, nooit van de grond komen!

Uit de archieven kan worden opgemaakt dat de Boermarke Gees hoogstwaarschijnlijk is opgericht in 1875. Het grondbezit van de Boermarke strekte, zoals voor veel andere boermarken geldt, vroeger veel verder dan nu, evenals de macht. “Die was vergelijkbaar met het gemeentebestuur van nu,” aldus Jaap Euving (67), de huidige penningmeester. In Gees bestaat het dagelijks bestuur van de Boermarke naast Jaap uit voorzitter Lucas Zwaan (77) en secretaris Gerard Hegen (60). Al zo’n vijftien jaar zijn deze drie de ‘volmachten’ van de Boermarke Gees.

Een clubhuis hebben ze niet. “Dat is het café.” Kleine vergaderingen houden ze gewoon op straat. “De leden mogen ons best wegstemmen hoor,” lacht Lucas. Immers, elke functie komt in principe elke drie jaar vrij. Maar blijkbaar is daar voor de leden geen reden toe. “Er is hier in het dorp een behoorlijke balans in meningen. Iedereen tolereert en respecteert elkaar.”

Van groot maatschappelijk belang

Het is tekenend voor de filosofie van de Boermarke Gees, die wezenlijk anders is dan bij veel andere boermarken. Dat zijn veelal meer besloten clubs, voor en door de leden grondbezitters. “Buitenstaanders worden daar vaak niet geduld,” weet Gerard. “Wij doen het anders. Wij willen juist graag aan iedereen laten zien waar me bezig zijn.”

Hét moment in het jaar waaruit dat het meest blijkt, is de jaarvergadering. Altijd gehouden in hetzelfde café. Velen in het dorp vinden dit het gezelligste moment van het jaar. Traditioneel blaast Gerard voorafgaand op de – originele! – boerhoorn van de Boermarke, ten teken dat er iets belangrijks staat te gebeuren in het dorp.

Ook in Gees zijn de leden van de Boermarke, incluis de volmachten, van oudsher boeren. Agrarische grondeigenaren dus. En hoewel feitelijk alleen die leden stemrecht hebben, bestaat de helft van de bezoekers tijdens zo’n avond uit ‘gewone’ inwoners van Gees, die vrij zijn om ook hun geluid te laten horen. “Onze mening is weliswaar afgeleid van de belangen van de landbouwers, maar we doen veel in het maatschappelijk belang.”

De heren halen een herinnering op uit 2006, toen Gerard met zijn boerhoorn de inwoners van Gees opriep te helpen bij het leggen van dakpannen op het net herbouwde partycentrum de Zwerfkei. Dat was net door een zware brand verwoest. De verzekeringsman die later kwam kijken, had dat nog nooit meegemaakt.

Maar er is meer, zoals bijvoorbeeld het Huisweideproject dat in 2015 tot stand kwam door samenwerking van de Boermarke met onder meer Plaatselijk Belang en subsidie vanuit de Provincie. Om de verplaatsing van het leven op straat naar binnenshuis tegen te gaan werd een project uitgedacht dat bewoners en bezoekers weer naar buiten moest brengen.

Op verschillende plekken in Gees zie je weer huisweiden met daarin Drentse hoeders, landganzen, schapen, varkens en zelfs een Nederlands trekpaard. Precies zoals dit boerendorp die voorheen ook had. En júist bij niet-boeren. De weiden vormen zo een levende, zeer zichtbare link met de cultuurhistorie van het dorp.

Gerard: “Wij hebben ons er als Boermarke sterk voor gemaakt om het oneigenlijke, zoals coniferenhagen, terug te dringen en het historische karakter van het dorp te behouden. Gees is geen gecultiveerd museumdorp. Het leven gaat hier nog steeds gewoon zijn gang.”

Bij de bouw van de hokken en verblijven is gebruik gemaakt van oude tekeningen van het Drents Landschap en de benodigde materialen werden ingekocht bij lokale leveranciers. Deelnemers bouwden vervolgens grotendeels zélf de dierenverblijven.

De weiden, voorzien van authentieke wringhekken en bordjes met informatie over de dieren, vormen onderdeel van een populaire wandel- en fietsroute.

Naoberschap is samenwerking

Behalve de huisweiden is er in Gees genoeg ander werk van de Boermarke te bewonderen. Zo loopt er langs de Geeserstroom sinds kort een prachtige bloemrijke wandelroute. Het is de kroon op alle moeite die de Boermarke de laatste jaren heeft gedaan om het gebied te redden van het water. Gerard: “Ten tijde van de ruilverkaveling in de jaren 90 is er door de landbouw 1200 ha ingeleverd voor de natuur. Een en ander leidde tot enorme wateroverlast. De landbouw, maar ook veel mensen in het dorp gaven aan daar last van te hebben. Dit kon zo niet langer. Daarop hebben wij de commissie Geeserstroom in het leven geroepen, een samenwerkingsverband met de Provincie Drenthe, Gemeente Coevorden,Waterschap Vechtstromen en Staatsbosbeheer. Watergangen zijn schoongemaakt en uitgebaggerd en het gemaal verderop vergroot. Met goed resultaat.”

Maar de Boermarke in Gees doet veel mer voor haar inwoners. De plaatselijke ijsbaan, een van de laatste gemeenschappelijke gronden in het bezit van de Boermarke, wordt behalve als ijsbaan ook elk jaar door de plaatselijke jeugd gebruikt om daags voor oud en nieuw carbid te schieten. “Die grond stellen we belangeloos ter beschikking,” vertelt Jaap.

De Boermarke heeft verder een huifwagen die door iedereen in het dorp gehuurd kan worden. Ze gebruikt de wagen natuurlijk ook zelf, bijvoorbeeld tijdens de jaarlijkse snoeidag, of om de bewoners van het kleinschalige zorgcentrum in Gees een mooie dag te bezorgen.  

Ook bij de bouw of verbouw van boerderijen in Gees speelt de Boermarke vaak een adviserende rol, opdat het historische karakter van de plek behouden blijft. “Maar we krijgen ook wel eens de wind van voren hoor,” zegt Lucas. “Omdat de boeren met steeds grotere trekkers door het dorp rijden. Of mensen klagen over een mestgeur.”

Om het moraal en het draagvlak in het dorp hoog te houden, organiseert de Boermarke daarom regelmatig excursies naar boerenbedrijven, zodat mensen met eigen ogen zien hoe een bedrijf reilt en zeilt. Lucas vat de rol van de Boermarke prachtig samen: “Wij zijn de olie in de maatschappij. Naoberschap ís samenwerking.”

Jachtgelden als voornaamste inkomstenbron

De Boermarke Gees draagt ook financieel een belangrijk steentje bij aan de Gemeenschap. Zo steekt ze onder andere behoorlijke bedragen in het buitenzwembad in het naburige Zwinderen en in verschillende evenementen in en om het dorp (zoals de Zuidenveld landbouwtentoonstelling, Gees in wintersfeer en de Fly-Inn).

Maar wat veel mensen zich niet realiseren, is dat het leeuwendeel van dit geld afkomstig is van de jacht. De inkomsten van alle boermarken bestaan namelijk grotendeels deel uit de opbrengsten van het jachtrecht, dat wil zeggen het geld dat jaarlijks binnenkomt uit de verhuur van de gronden aan jagers. Dit jachtrecht is voorbehouden aan de boermarken.

“Bij verkoop van de grond gaat dit jachtrecht mee,” legt Jaap uit. “De Boermarke staat of valt bij het jachtrecht op boerenlandbouwgrond. Zo gauw als de jacht verdwijnt, verdwijnen ook de boermarken. Maar die jacht is er niet voor het plezier! Die is er voor het beheer van het wild. Dát proberen we uit te dragen. Wat veel mensen vergeten is dat boeren óók natuurliefhebbers zijn.”

Geen makkelijk onderwerp, dat niet zelden voor veel discussie zorgt. Ook in de Geeser gemeenschap. De Boermarke werkt hierbij als katalysator tussen jagers en inwoners. Ze probeert een ander geluid te laten horen en het publiek te betrekken bij de overweging wild af te schieten.

“Vossen bijvoorbeeld staan aan het eind van de voedselketen. Die pakken lammetjes. En teveel reeën veroorzaken verkeersdoden,” vult Lucas aan. “Gericht afschieten is dan noodzaak.”

Van de jachtgelden koopt de Boermarke onder meer landbouwmachines, die door de leden tegen een zacht prijsje gehuurd kunnen worden.

Toekomst

Als gevolg van schaalvergroting neemt het aantal gebruikers van deze machines echter snel af. Boerenbedrijven worden steeds groter en boeren kopen meer zelf, waardoor veel machines van de Boermarke ongebruikt blijven.

De oplossing ligt in, hoe kan het ook anders, wederom in samenwerking. Samenwerking met, in dit geval, omliggende boermarken. “Stroomlijnen,” noemt Gerard het.

Op sommige vlakken gebeurt dit al, bijvoorbeeld om de overlast van hondenpoep, heel gevaarlijk voor de gezondheid van koeien, in het boerenland tegen te gaan.

De drie volmachten vullen elkaar perfect aan. De lijnen zijn kort en bestuursbesluiten zijn snel genomen.

Maar hoe modern ook, de boermarken lijken toch vooral mannenbolwerken te zijn. Opvallend, want feitelijk is er geen reden voor die vrouwelijke afwezigheid.

“Blijkbaar is het gewoon iets waar vrouwen gewoon minder belangstelling voor hebben?”, denkt Jaap hardop. “Maar tijdens de excursies gaan ze wel mee hoor.”

De mannen zullen hun functies als volmachten voorlopig nog wel even voortzetten voordat een volgende generatie de spreekwoordelijke olie komt verversen. Zorgen over hun opvolging maken ze zich niet. “We hebben grondgebruikers genoeg hier. En als ik zie hoe levendig deze gemeenschap is, komt dat wel goed,” besluit Gerard.

Eigenwijze Drenten

Al in de Germaanse tijd had elke stam gemeenschappelijk gebruikte grond, de oervorm van de  boermarken. Deze markegronden vormden een begrensd gebied – marke betekende oorspronkelijk grens.

In de 13e eeuw kregen deze boermarken een duidelijker vorm en werden er regels opgesteld voor het gebruik van de gemeenschappelijke gronden. 

De Drenten hebben zich door de eeuwen heen steeds stevig verzet tegen de centralisatie van de macht, met bijbehorende belastingheffing en verlies van vrijheid.

Nadat zijn voorganger in 1227 door de Drenten in een zeer bloedige veldslag in de pan was gehakt, liet de Bisschop van Utrecht in het Landrecht van 1412 hen daarom het recht behouden om zelf de markegrenzen te bepalen en verordeningen (zogenaamde willekeuren) te maken. Ook de burgerlijke, civiele, rechtspraak liet hij over aan de boermarken.

Wellicht ligt hier de kiem van de invloed die de boermarken vandaag de dag in Drenthe nog altijd hebben, waar ze elders al lang verdwenen zijn. Ook de geografische ligging van Drenthe zal daartoe vermoedelijk hebben bijgedragen; als een ‘omgekeerd bord’, met moerassen aan de kanten, was Drenthe lange tijd ‘schier ontoegankelijk’.

Na de inlijving bij Frankrijk in 1810 en de invoering van het kadaster in 1832 werden vele taken van de boermarken alsnog overgenomen door provincies, gemeenten en waterschappen.

De 88 boermarken in Drenthe, verenigd in de Vereniging Drentse Boermarken, nemen als rechtspersoon nog steeds deel aan het maatschappelijk verkeer. Met hun eigendommen als brinken, ijsbanen, (zand)wegen en bosjes zijn en blijven ze een belangrijk onderdeel en aanspreekpunt in de gemeenschap. In november 2016 zijn ze opgenomen op de lijst van de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed.]

De boerhoorn

Bij bijzondere gebeurtenissen als brand, belangrijke vergaderingen of als er gezamenlijk bepaalde werkzaamheden gedaan moesten worden (denk aan sneeuw schuiven, om de weg vrij te maken voor de melkwagen) ging vroeger de Boerhoorn rond. Een ieder in het dorp werd dan geacht gevolg te geven aan deze oproep. De klus werd met elkaar aangepakt.